Breadcrumbs

Leslocaties

Zwemschool Kikkersprong, altijd een locatie bij u in de buurt!
Kies uw locatie in het linker menu
 


De borstcrawl is een zwemslag die in het Zwem-ABC wordt geïntroduceerd. Er is sprake van een opbouw in de technische uitvoering waarmee wij vrijwel direct beginnen. Bij de keuze voor die opbouw is zoveel mogelijk rekening gehouden met de (methodische) opbouw van het leerproces. Het uitvoeren van de ademhaling is in het begin van de leerweg moeilijk voor jonge kinderen, en mag daardoor met het gezicht naar voren, en wordt het stapsgewijs en bij elk diploma iets moeilijker. Bij Zwemdiploma C heeft zijwaartse ademhaling de voorkeur, omdat ademhalen op die manier de minste weerstand oplevert en de uitvoering van de zwemslag het minst zal beïnvloeden. Hieronder de eisen op een rijtje voor de betreffende diploma's:


Zwemdiploma A
Het gezicht is in het water
Er is sprake van een asymmetrische (wisselend op- en neerwaartse) beenbeweging
Er is sprake van een asymmetrische armbeweging
Er is sprake van een armslag over het water
Er is sprake van een beginnende ademhaling

Zwemdiploma B
Het gezicht is in het water
Er is sprake van een asymmetrische (wisselend op- en neerwaartse) beenbeweging
Er is sprake van een doorgaande asymmetrische armbeweging
Er is sprake van een armslag over het water
Er is sprake van een ademhaling

Zwemdiploma C
Het gezicht is in het water
Er is sprake van een asymmetrische (wisselend op- en neerwaartse) beenbeweging
Er is sprake van een doorgaande asymmetrische armbeweging
Er is sprake van een armslag over het water
Er is sprake van minimaal 1 keer ademhaling
De techniek van de ademhaling is bij voorkeur zijwaarts



Bewegingsverloop
1. Ligging
Uitgangshouding: gestrekt in een zo horizontaal mogelijke borstligging net onder de waterlijn. Het hoofd in het verlengde van het lichaam en tot de haargrens met het gezicht in het water.

 
2. Beenslag
De beenslag heeft een overwegend stabiliserende werking op de ligging en draagt slechts in beperkte mate bij aan de stuwing.
De beenslag is een soepel op en neer bewegen van beide benen, vlak langs elkaar, waarbij de inzet van de beweging in de heup begint. De afstand tussen de voeten is ongeveer een voetlengte.
 
Opslag
Bij de opslag is het been gestrekt tot het punt dat de hiel van de voet het wateroppervlak doorbreekt.

 
Neerslag
Bij het begin van de neerslag wordt het been door de waterdruk in de knie licht gebogen. Daarna volgt een krachtige strekking van het been in het kniegewricht, waardoor onderbeen en voetwreef naar beneden slaan. Bij het eind van de neerslag gaat het bovenbeen weer over in de opslag en het been is weer gestrekt. Vooral door de neerslag krijgt het onderlichaam een hogere ligging en worden storende draaiingen beperkt, zodat het hele lichaam in balans blijft. Door de neerslag wordt ook enige stuwing verkregen.

 
3. Armslag
Bij de borstcrawl levert vooral de armslag de stuwkracht.
De armen worden beurtelings over en door het water gehaald. Om een helder beeld hiervan te krijgen wordt de armbeweging in een aantal fasen verdeeld.
 
Insteekfase
De hand wordt recht voor de schouder op ¾ van de armlengte in het water gestoken. De arm is licht gebogen in de elleboog en hoger dan de hand doordat de bovenarm naar binnen is gedraaid waardoor de duim iets omlaag en de pink iets omhoog gaat, zodat bij de insteek de duim het eerst en dan pas de vingers het water raken. Na het insteken van de hand wordt de arm gestrekt.

 
Steun- of glijfase
De arm glijdt na de insteek door tot volledige strekking waarbij de hand iets zijwaarts en omlaag gaat tot net buiten de schouderlijn. Het moment dat de hand ‘grip’ op het water krijgt, het voelen van de waterweerstand, is te beschouwen als een relatief rustmoment in de armslag omdat dan even op de arm wordt gesteund. Deze steun is belangrijk voor de stabilisatie en het evenwicht bij de inademing. Terwijl de arm steeds meer op het water drukt gaat de glijfase op ± 10 cm onder water over in de trekfase.

 
Trekfase
Nu begint de doorhaal voor de voorwaartse stuwing van het lichaam. De elleboog blijft staan en hand plus onderarm worden omlaag en steeds dichter naar de lengte-as van het lichaam gebracht, waardoor de elleboog geleidelijk buigt en naar buiten gaat wijzen. Wanneer de hand beweegt van verder af naar dichterbij het lichaam, gaat deze om de lengte-as rollen. De hand komt tot aan de middellijn van het lichaam. De pink wijst dan naar de bodem. Als de arm 90° gebogen is onder de schouder gaat de trekfase over in de duwfase.

 
 

Duwfase
De arm wordt nu snel gestrekt onder de lengte-as van het lichaam richting heupen. De handpalm blijft zo lang mogelijk naar achteren wijzen terwijl de arm zich steeds verder strekt. De hand beweegt in het verloop van de lengte-as van het lichaam af.
Van trek naar duwfase vindt een versnellende beweging plaats.

 
Uithaalfase
De hand duwt nog na totdat hij zich bij het bovenbeen bevindt, intussen heeft de bovenarm de overhaal al in- gezet. De hand drukt bewust zo lang mogelijk om de afzetbaan te verlengen, de handpalm blijft naar achteren wijzen zelfs tijdens het uit het water halen. De elleboog en bovenarm komen het eerst uit het water dan de onderarm en als laatste de hand.

 
Overhaalfase
Het overhalen moet met gebogen arm gebeuren, waarbij de inzet van de beweging in de bovenarm begint, zodat de elleboog het hoogste punt vormt.
4. Combinatie
De meest voorkomende combinatie van de arm- en beenbeweging in de hedendaagse borstcrawl is de 2:6, d.w.z. dat tijdens de beide armslagen de benen elkaar 6 maal kruisen.
Leerlingen met een goed drijfvermogen, dus een hoge ligging in het water, hebben geen hoog beentempo in de combinatie nodig en zwemmen automatisch een 2 op 2 combinatie (as:bs=2:2) om het lichaam in balans te houden.
 
5. Ademhaling
De inademing vindt plaats als de armen in elkaars verlengde zijn. In de praktijk betekent dit bij links ademhalen: hoofd naar links draaien als de rechterarm in de steunfase en de linkerarm bij de heup is.
Bij het inademen blijft een deel van het hoofd in het water om de boeggolf in stand te houden.
Bij de grootste opening van de armen, wordt het hoofd om de lengte-as zijwaarts gedraaid zodat in het boegdal dus eigenlijk ‘onder’ de waterspiegel, ingeademd kan worden.


 
 
Bron: NPZ-NRZ

 

Recensies

Wat vinden anderen..

Lees op onze facebook pagina vele recensies van onze (oud)leden.
Heeft u ons al geliked? Door ons te liken blijft u op de hoogte van het laatste nieuws en kunt u meedoen aan leuke win-acties!

Lees de recensies!

Website door Reclamebureau DKTD Reclame

Copyright Zwemschool Kikkersprong

Back to top